50 redenen waarom dierenarts assistenten geweldig zijn

Een ode aan onze dierenartsassistenten

Deze blog is een ode aan alle dierenartsassistenten die zo hard werken in een tak van de gezondheidszorg waar men vaak een verkeerd beeld van heeft. Waarom dierenartsassistenten onmisbaar zijn voor de dierenarts, de dieren en de klanten. Inclusief een gratis e-book dat je kunt downloaden.


Waarom dierenartsassistenten onmisbaar zijn

  1. Een dierenartsassistente kan twee telefoontjes tegelijk aan, een klant bij de balie helpen, een hond vasthouden en dan nog blijft ze lachen.
  2. Ze zijn niet bang om een klant te helpen die op de parkeerplaats meerdere zakken voer, vier honden aan de lijn en dreinende kinderen onder controle probeert te houden.
  3. Ze trekken de gekste bekken en maken kirrende, knorrende en klakkende geluiden zodat de dierenarts snel een injectie kan geven zonder dat het dier het doorheeft.
  4. Ze doen hun werk omdat ze ervan houden, niet om rijk te worden. Want laten we eerlijk zijn, werken met dieren maakt je niet rijk.
  5. Ze hebben Ninja-achtige reflexen en beschermen dierenartsen tegen aanvallende klauwen en tanden.
  6. Ze zetten zich in om dierenartsen te beschermen tegen elke hond, kat, fret, muis, konijn, cavia of vogel zodat medicatie veilig kan worden toegediend.
  7. Ze weten een kat uit een onmogelijk mandje te krijgen zonder beschadigingen op te lopen.
  8. Ze zijn niet bang om er gek uit te zien en hun lichaam in alle mogelijke bochten te wringen zodat de dierenarts zijn patiënt kan behandelen.
  9. Ze weten precies hoe ze hun dierenarts een broodnodige oppepper kunnen geven.
  10. Ze voelen feilloos aan wanneer dierenartsen dringend behoefte hebben aan chocolade of koffie, of beide.
  11. Ze verzorgen patiënten urenlang, ook als dat betekent dat ze hun lunch overslaan.
  12. Niets schrikt hen af van hun lunch. Een klysma tussendoor is geen enkel probleem.
  13. Ze blijven tot een patiënt stabiel is, ongeacht hoe lang het duurt.
  14. Ze genieten ervan om een puistje te laten knappen of een abces uit te spoelen.
  15. Ze krijgen de kliniek en alle kleding dagelijks haarvrij.
  16. Ze accepteren slaapgebrek dat hoort bij het opvoeden van kittens met de hand.
  17. Ze kunnen geen nee zeggen tegen een dier dat een huisje zoekt, of het nu gaat om honden, katten, konijnen, vogels, cavia’s of egels.
  18. Ze vinden altijd een manier om te lachen – donkere humor, lichte humor of wc-humor.
  19. Ze doen alles voor chocolade.
  20. Ze vergeven dierenartsen voor dingen die in een doek achterbleven en in de wasmachine belandden.
  21. Ze worden ware monteurs om apparaten draaiende te houden.
  22. Ze weten precies wanneer een handdoek gewassen of weggegooid moet worden.
  23. Ze proberen de planten in de kliniek te verzorgen, maar dieren gaan duidelijk beter.
  24. Ze zijn een klankbord voor dierenartsen tijdens lange operaties of lastige dagen.
  25. Ze willen blijven leren en ontwikkelen.
  26. Ze helpen pas afgestudeerde dierenartsen om praktijkervaring op te doen.
  27. Ze halen uit een piepklein beetje bloed toch een volledig bloedonderzoek, zodat het dier niet opnieuw geprikt hoeft te worden.
  28. Ze zijn inventief – ze maken staartverbanden, frettenspalken, hondensokken en nog veel meer.
  29. Ze hebben overal dierenvrienden en veterinaire contacten en vinden altijd een nieuw thuis voor een dier.
  30. Ze kunnen een cavia of konijn een geweldig kapsel geven.
  31. Ze zijn niet bang om een babyrat of kitten in hun BH te stoppen om het op te warmen.
  32. Ze ruimen zonder klagen alle lichaamsvloeistoffen op en blijven lachen.
  33. Ze zijn sterk – emotioneel en fysiek – en tillen zware dieren alsof het niets is.
  34. Ze kennen alle dieetvoeders en adviseren graag.
  35. Ze kennen de medicatievoorraad door en door, inclusief bestelnummers en leveranciers.
  36. Ze houden eigenaren rustig en geïnformeerd terwijl de dierenarts opereert.
  37. Ze moeten stiekem lachen om wat er uit een labradormaag tevoorschijn komt.
  38. Ze vinden binnen seconden een teek, hoeveel haar een hond ook heeft.
  39. Hun eigen huisdieren luisteren beter dan die van de dierenartsen.
  40. Ze geven hun vrije tijd op om een verdwaald of gewond dier op te halen.
  41. Ze verzorgen vogels die elk uur gevoerd moeten worden, ook ’s nachts.
  42. Wat er in de behandelkamer gebeurt, blijft in de behandelkamer.
  43. Ze geven niet op totdat de eigenaar van een gevonden dier is opgespoord.
  44. Ze doen er alles aan om klanten te helpen, zelfs als dat betekent dat ze dieren ophalen of thuisbrengen.
  45. Ze rijden gerust naar een bejaardentehuis om een dier een ontwormtablet te geven.
  46. Ze zijn uitzonderlijk goed in het opvangen van hondenurine, zelfs diep in de bosjes.
  47. Ze organiseren een open dag van de kliniek alsof het een geoliede machine is.
  48. Ze bieden klanten een schouder om op te huilen als ze hun beste vriend verliezen.
  49. Ze hebben een eindeloos aanbod aan medeleven en een luisterend oor.
  50. Ze zijn gewoon GEWELDIG in alle betekenissen van het woord.